Camino del Amor Ronald

Vooraf — Mijn Verwachtingen

Ultreia !
Vooruit ! Verder ! Opwaarts !
Ik ben Ronald (1962). Ik was acht jaar toen ik mijn ouders verloor door een tragisch ongeval.
Op datzelfde moment verloor ik ook mijn vriendje Kees, iets wat mijn leven blijvend heeft gevormd.
Tijdens mijn eerste Camino, van Porto naar Santiago de Compostela, leerde ik de uitspraak Ultreia kennen. Een aanmoediging en pelgrimsgroet die zegt dat je moet doorgaan op je pad: lichamelijk, geestelijk én spiritueel, ook als het zwaar is.

In de afgelopen vijf jaar heb ik bewust stappen gezet om het verdriet om mijn ouders eindelijk een plek te geven.
Open gesprekken gevoerd. Stilgestaan bij momenten van gemis.
Mezelf opnieuw leren kennen.

Binnenkort ga ik de Camino Francés lopen.
Deze tocht voelt voor mij als een logisch vervolg in dat proces.

Ik verwacht dat deze reis niet alleen een fysieke uitdaging zal zijn, maar ook een diepe innerlijke tocht.
Ik hoop onderweg de kracht te vinden die in het verhaal van de Camino del Amor zo voelbaar is: dat liefde, verlies en veerkracht hand in hand gaan, en dat elke stap een stukje heling kan brengen.


Een pelgrimstocht als ritueel van afscheid.

Vicarie pro

[Geschreven vóór vertrek, september 2025]
In oktober 2025 begin ik aan mijn Camino Francés.
Ik loop de Camino vicarie pro, in naam van mijn ouders.Ik start deze uitdaging in de periode waarin mijn vader zijn negenennegentigste verjaardag zou hebben gevierd.
Deze tocht is niet zomaar een wandeling, maar een symbolische reis door het landschap van mijn herinneringen.

Met elke stap loop ik hén een stukje achterna.
En tegelijkertijd loop ik vooruit in mijn eigen leven.

De weg naar Santiago weerspiegelt het rouwproces:
de stilte, de confrontatie met jezelf, de onverwachte ontmoetingen, en het langzame helen.Zoals rouw zijn eigen ritme heeft, zo heeft ook de Camino dat.
Soms zwaar, soms verlichtend.
Maar altijd eerlijk.Met elke stap herhaal ik het verleden, sta ik stil bij het gemis,
en vind ik misschien ook een nieuwe vorm van aanwezigheid van hén in mij.


De Camino als Ritueel

De Camino Francés in het kort

Voor wie de Camino niet kent.
De Camino Francés is de meest bekende en populaire pelgrimsroute, het Sint-Jacobspad. Het voert van de Pyreneeën naar Santiago de Compostela.
Het is een afstand van ongeveer 800 kilometer en ongeveer zo een veertig dagen lopen.
Jaarlijks bewandelen ruim 220.000 pelgrims deze route die grotendeels over oude Romeinse wegen loopt. 
Maar de Camino is meer dan een fysieke tocht. Het is een innerlijke reis van transformatie, een “rite de passage” in drie fases. Voor mij is het ook een spirituele reis. De drie fases worden vaak aangeduid als Body Mind en Soul.

Body — Separatie.

Het begin van afscheid.

Ik ga mijn dagelijkse leven, routines en zekerheden achterlaten. 
De eerste etappe is meteen de zwaarste van heel de Camino. De tocht begint in Saint-Jean-Pied-de-Port in Frankrijk.
Het is een klim van 1350 meter over de Pyreneeën. Het eerste stuk heeft hellingen van ruim 13%.
De afstand is ongeveer 27 kilometer.

Het weer in oktober zal koud en guur zijn.
De fysieke uitdaging wordt een metafoor van het verlies van mijn ouders: zwaar confronterend, en zonder veel schuilplaatsen onderweg. 

Mind — Liminale fase

Tussen tijd en bestaan.

Een onzekere, verwarrende overgangsfase, het eenzame pad van rouw. De eindeloze meseta – het kale hoogvlaktegebied van Spanje- is leeg en oneindig.

Hemel en aarde lijken elkaar te raken. 
Dagenlang ga ik door eentonige landschappen lopen en vooral, door mezelf. Je wordt geconfronteerd met pijn, koude, regen, stilte, verlies en inzicht.  Je verliest het besef van tijd.  Je keert naar binnen, naar innerlijke eenzaamheid.
De slechte dagen mogen hier zijn, de Camino is een spiegel van het echte leven. Onderweg zal ik een kaarsje aansteken in een van de vele kerken. Een gebaar ter nagedachtenis aan mijn vader en moeder.
De middeleeuwse pelgrimstad Sahagún is het halverwegepunt van de Camino.
Na ongeveer 20 dagen lopen wil ik hier een paar dagen rust nemen in het klooster van Sahagún. Tijd voor schrijven in mijn dagboek en zelfreflectie.
Nu begin ik aan de tweede helft van de Camino. Het besef dat er al een tijd is, dringt nu verder tot me door: ik moet echt alleen verder. Niet alleen op weg, maar ook in het leven.


Het hoogste punt van de Camino nadert: Cruz del Ferro op ruim 1500 meter hoogte.
Een plek van bezinning waar veel pelgrims een steen achterlaten, een symbool als last of een herinnering. Het is een magisch kantelpunt naar een nieuw begin. Ik draag al sinds het begin een steen in mijn rugzak. Stephanie heeft me geholpen een prachtige steen te graveren. Op Cruz del Ferro ga ik die last achterlaten.
Een punt van loslaten en hervinden. Het wordt een totaalruptuur: een punt van loslaten en hervinden.
De laatste etappe door het herfstlandschap van Galicië is betoverend.
Het overzicht verdwijnt. Smalle paden slingeren door nevelige bossen en diepe oude holle wegen. De metafoor van het labyrint dringt zich op, net als het leven.

Soul — Reintegratie

Santiago de Compostela.

Het einde van de Camino, maar het begin van het besef dat ik nu alleen moet gaan zonder mijn ouders. Hier gaan tranen vloeien van Verlaat Verdriet maar ook van emotie en vreugde. Ik ga hier vol trots de Compostela vicarie pro ophalen.

Kijk eens, papa en mama: Ik ben nu heel dicht bij jullie. 

In Santiago is het feestelijk en druk. Pelgrims uit alle werelddelen en windstreken omhelzen elkaar, delen verhalen, lachen, drinken, vieren dat ze er zijn.
Het is een plek van aankomst, van verbondenheid, van een wereldse euforie. En ik zal ook blij zijn, trots, opgewonden.
De Compostela ligt in mijn handen, de kathedraal op het plein is indrukwekkend. Dit is het eindpunt waar velen stoppen. Maar voor mij wordt dit nog niet het einde.
Terwijl in Santiago de muziek klinkt en het leven bruist, voel ik dat ik nog iets anders nodig heb: stilte, ruimte, de zee. In mij speelt geen feest, maar een afronding. In diepe waardering en dankbaarheid sluit ik deze reis af voor alles wat mijn ouders mij hebben gegeven.

Post-liminale fase Waar de weg ophoudt begint de overgave.

Na Santiago wil ik verder naar Muxia. Een afgelegen plek aan de Atlantische kust, daar waar het land eindigt en de zee begint. Muxia is stiller dan Fisterra, het officiële eindpunt van de Camino. Het is een rauw onaangetast gebied. 
In Muxia kom je niet om de Camino te voltooien, zoals in Fisterra, maar om iets los te laten. 


Ik ga deze laatste etappe lopen van de Camino d’amor als ode aan mijn ouders. Op de kliffen bij de ruige oceaan ga ik een mooie plek zoeken waar ik de as van mijn vader, moeder en Kees kan toevertrouwen aan de wind. Symbolisch geef ik hen terug aan het grote geheel. De golven voeren hun mee waar geen paden meer zijn. Dit is de grens van het bekende, het punt waar je letterlijk niet meer verder kunt. En precies daarom ben ik hier.

– 55 jaar na hun sterfdatum –

Ik ga een herdenkingsdienst aanvragen in de kleine kapel van Muxia. Als laatste eer en groet voor mijn vader moeder en Kees. Mijn stappen zijn nu voltooid, mijn verhaal verteld. Mijn ouders zijn nu niet meer onderweg. Ze zijn aangekomen.  Het kind in mij gaat nu alleen verder. En ik hoop als ik dit pad heb gelopen, dat ik ook heb genoten van deze reis.
Het landschap. De stilte. De betekenis.
Misschien kan mijn gekozen pad ook voor jou een bron van kracht zijn ?
Voor wie leeft met verdriet dat te lang wachtte. Voor wie afscheid wil nemen.
Of gewoon iets wil achterlaten aan de wind.

Ik blijf nog lang vader voor mijn kinderen. 
Ik doe het nu alleen..

Vandaag is alles anders
Ik doe het nu alleen
Het gemis blijft 
Vandaag is alles anders
Het geluk straalt als de zon naar binnen
Maar willen jullie wel dichtbij bij blijven
Vandaag is alles anders
Ik doe het nu alleen

Italië Codiponte 2023 de weg van liefde

Et Suseia !

(C) kenniscentrum Verlaat Verdriet 2026


Deel 2: Reflectie na de Camino